Politici in Nederland en de Europese Unie nemen te vaak beslissingen die belangen van ontwikkelingslanden schaden. Dat moet veranderen. Fair Politics wil dat landen niet worden belemmerd, maar de ruimte krijgen om zich te ontwikkelen.

FairKiezingswijzer 2017

Beweeg met je muis over de icoontjes en zie in één oogopslag hoe de politieke partijen al dan niet rekening houden met de belangen van ontwikkelingslanden. Klik op een onderwerp of op een partij en lees onze uitgebreide analyse.

cdad66vvdpvdaspcusgppvvgroenlinkspvdd50plus
HANDEL

HANDEL (CDA)

Het CDA gebruikt handelsbeleid om de economische positie van Nederland te verbeteren, en besteedt te weinig aandacht aan de positie van ontwikkelingslanden.

HANDEL (D66)

D66 wil ontwikkelingslanden meer kans geven om naar de EU te exporteren door handelsbarrières te verminderen.

HANDEL (VVD)

Nederlandse handelsbelangen staan voorop bij de VVD. Handel wordt zelfs een instrument om ontwikkelingslanden te dwingen mee te werken aan Nederlands beleid.

HANDEL (PvdA)

De PvdA bepleit dat handel en handelsverdragen moeten bijdragen aan het verduurzamen van productieketens en betere posities van ontwikkelingslanden.

HANDEL (SP)

SP is voor eerlijke handel waarvan ook de bevolking van betrokken landen profiteert, maar maakt deze ambitie weinig concreet.

HANDEL (ChristenUnie)

CU vindt dat internationale handel vooral moet bijdragen aan inclusieve en duurzame groei in ontwikkelingslanden en heeft daar concrete maatregelen voor.

HANDEL (SGP)

Volgens de SGP ligt samenwerking ten grondslag aan het ten goede komen van internationale handel aan de allerarmsten.

HANDEL (PVV)

De PVV gaat in haar partijprogramma niet in op internationale handel.

HANDEL (GroenLinks)

GroenLinks pleit o.a. voor toetsing van de impact van handelspolitiek op ontwikkelingslanden en bijdrage aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelen.

HANDEL (PvdD)

De PvdD wil expliciet rekening houden met de belangen van ontwikkelingslanden in het Nederlandse internationaal handelsbeleid.

HANDEL (50PLUS)

Het partijprogramma van 50Plus is uiterst beperkt over internationale handel.

KLIMAAT

KLIMAAT (CDA)

De ambities voor energiebesparing en opwekking van duurzame energie werkt het CDA nauwelijks uit in concrete plannen.

KLIMAAT (D66)

D66 pleit voor een minister van Klimaat en Energie, nationale klimaatwet en ontwikkelingssamenwerking met klimaathulp en klimaatfinanciering.

KLIMAAT (VVD)

Het Nederlands belang staat voorop in klimaatbeleid van VVD waarbij slechts bestaande afspraken nageleefd moeten worden.

KLIMAAT (PvdA)

De PvdA wil dat het Parijs Klimaatakkoord doorwerkt in ambitieuze doelstellingen en dat ontwikkelingshulp meer wordt toegespitst op klimaatverandering.

KLIMAAT (SP)

De SP pleit voor ontwikkelingsbeleid gebaseerd op het Parijs Klimaatakkoord om de gevolgen van klimaatverandering te bestrijden.

KLIMAAT (ChristenUnie)

De CU wil niet dat de allerarmsten opdraaien voor de gevolgen van klimaatverandering en pleit voor klimaatfinanciering voor ontwikkelingslanden.

KLIMAAT (SGP)

De SGP wil zich inzetten voor het bestrijden van klimaatverandering en doet dit o.a. vanwege de positieve uitwerking op ontwikkelingslanden.

KLIMAAT (PVV)

De PVV wil geen geld uitgeven aan innovatie of windmolens, wat negatieve klimaatgevolgen voor ontwikkelingslanden teweegbrengt.

KLIMAAT (GroenLinks)

GroenLinks wil met het Parijs Klimaatakkoord als basis een ambitieus klimaatbeleid met specifieke klimaatsteun voor ontwikkelingslanden.

KLIMAAT (PvdD)

De PvdD wil een duurzaamheidsmeetlat voor toekomstig beleid, eisen aan grondstoffenimport, internationaal bindende regels en een milieugerechtshof.

KLIMAAT (50PLUS)

50PLUS wil CO2-uitstoot terugdringen om de wereld leefbaar te houden, maar toont weinig ambities voor een duidelijk klimaatbeleid.

VREDE & VEILIGHEID

VREDE & VEILIGHEID (CDA)

Het CDA bepleit het belang van internationale samenwerking in een veilige wereld, maar maakt dit niet concreet.

VREDE & VEILIGHEID (D66)

D66 is voorstander van een strenger EU wapenexportbeleid dat concurrentie tussen lidstaten moet beperken en toewerkt naar een gemeenschappelijk beleid.

VREDE & VEILIGHEID (VVD)

De VVD gaat niet in op wapenexport en bepleit ontwikkelingsgelden in te zetten voor het financieren van militaire missies.

VREDE & VEILIGHEID (PvdA)

De PvdA wil een strenger wapenexportbeleid, zeker als het gaat om de export van controversiële wapens en/of naar repressieve regimes.

VREDE & VEILIGHEID (SP)

De SP wil de huidige wapenexportregelgeving strenger naleven en wapenexport naar staten waar mensenrechten worden geschonden stoppen.

VREDE & VEILIGHEID (ChristenUnie)

De ChristenUnie is tegen wapenhandel met landen die mensenrechten schaden, maar maakt deze inzet niet concreet.

VREDE & VEILIGHEID (SGP)

De SGP gaat in haar partijprogramma niet in op vrede en veiligheid vanuit een ‘eerlijk-beleid-voor-ontwikkelingslanden’ perspectief.

VREDE & VEILIGHEID (PVV)

De PVV gaat in haar partijprogramma niet in op vrede en veiligheid vanuit een ‘eerlijk-beleid-voor-ontwikkelingslanden’ perspectief.

VREDE & VEILIGHEID (GroenLinks)

GroenLinks maakt zich sterk voor een strikt, door mensenrechten gedreven wapenexportbeleid, zowel internationaal als in Nederland.

VREDE & VEILIGHEID (PvdD)

De PvdD is kritisch over wapenexport naar landen die mensenrechten schenden en pleit voor internationale regelgeving.

VREDE & VEILIGHEID (50PLUS)

50PLUS gaat in haar partijprogramma niet in op vrede en veiligheid vanuit een ‘eerlijk-beleid-voor-ontwikkelingslanden’ perspectief.

BELASTINGONTWIJKING

BELASTINGONTWIJKING (CDA)

Het CDA wil stevig optreden tegen bedrijven en multinationals die belasting ontwijken, maar legt geen link met ontwikkelingslanden.

BELASTINGONTWIJKING (D66)

D66 wil een stevige aanpak in de strijd tegen oneerlijke belastingpraktijken op Europees niveau, met Nederland als koploper.

BELASTINGONTWIJKING (VVD)

De VVD is tegen het hervormen van belastingverdragen, omdat dit het nationale vestigingsklimaat zal schaden

BELASTINGONTWIJKING (PvdA)

Belastingen zijn een wapen tegen ongelijkheid en daarom komt de PvdA met concrete maatregelen om belastingontwijking te bestrijden.

BELASTINGONTWIJKING (SP)

Ook grote bedrijven en multinationals gaan voortaan hun eerlijke deel in de belastingen betalen als het aan de SP ligt.

BELASTINGONTWIJKING (ChristenUnie)

De ChristenUnie bepleit een effectieve bestrijding van belastingontwijking door multinationals en het voorkomen van belastingconcurrentie.

BELASTINGONTWIJKING (SGP)

De SGP is tegen belastingontwijking –en ontduiking van multinationals, maar legt geen link met ontwikkelingslanden.

BELASTINGONTWIJKING (PVV)

De PVV gaat in haar partijprogramma niet in op belastingontwijking of belastingontduiking door multinationale ondernemingen.

BELASTINGONTWIJKING (GroenLinks)

De stevige aanpak van belastingontwijking door multinationals van GroenLinks omvat concrete maatregelen die de positie van ontwikkelingslanden ten goede komt.

BELASTINGONTWIJKING (PvdD)

Met herziening van de belastingwetgeving en belastingverdragen wil de PvdD voorkomen dat ontwikkelingslanden miljarden aan inkomsten mislopen.

BELASTINGONTWIJKING (50PLUS)

50PLUS gaat in haar partijprogramma niet in op belastingontwijking of belastingontduiking door multinationale ondernemingen.

EERLIJK WERK

EERLIJK WERK (CDA)

Het CDA wil mensen in ontwikkelingslanden een menswaardig bestaan bieden en vraagt aandacht voor maatschappelijk verantwoord ondernemen.

EERLIJK WERK (D66)

D66 wil steun voor bedrijven die verantwoordelijkheid nemen m.b.t. hun impact om hen heen in de wereld.

EERLIJK WERK (VVD)

De VVD bepleit dat ondernemers zich houden aan bestaande afspraken over mensenrechten, maar wil tegelijkertijd ook minder complexe regelgeving voor bedrijven in het buitenland.

EERLIJK WERK (PvdA)

De PvdA legt een sterke focus op betere arbeidsomstandigheden in ontwikkelingslanden en het tegengaan van kinderarbeid.

EERLIJK WERK (SP)

De SP besteedt in haar verkiezingsprogramma geen aandacht aan eerlijk werk wereldwijd.

EERLIJK WERK (ChristenUnie)

De CU komt met een ambitieuze serie maatregelen om arbeids- en kinderrechten te bevorderen, zo nodig met behulp van wetten en sancties.

EERLIJK WERK (SGP)

De SGP vindt dat bedrijven zich aan de bestaande regels voor maatschappelijk verantwoord ondernemen moeten houden, maar maakt deze inzet niet concreet.

EERLIJK WERK (PVV)

De PVV wil stoppen met ontwikkelingshulp en vermeldt niets over eerlijk werk wereldwijd.

EERLIJK WERK (GroenLinks)

Als het aan GroenLinks ligt, wordt Nederland koploper in internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen.

EERLIJK WERK (PvdD)

De PvdD heeft veel concrete en stevige plannen om de omstandigheden van arbeiders in ontwikkelingslanden te verbeteren.

EERLIJK WERK (50PLUS)

50PLUS toont geen concrete ambities op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen.

MIGRATIE & ONTWIKKELING

MIGRATIE & ONTWIKKELING (CDA)

CDA beperkt migratie tot vluchtelingen; met een focus op de terugkeer en bijdrage van vluchtelingen aan de wederopbouw van herkomstlanden.

MIGRATIE & ONTWIKKELING (D66)

De brede migratieaanpak van D66 omvat o.a. ook het creëren van legale routes voor vluchtelingen en een selectief systeem voor economische migranten.

MIGRATIE & ONTWIKKELING (VVD)

Adequate opvang in de regio moet migratie naar de EU onnodig en onmogelijk maken volgens de VVD.

MIGRATIE & ONTWIKKELING (PvdA)

De PvdA komt met een brede migratieaanpak en wil o.a. investeren in veilige, legale routes en toekomstperspectief in zowel de regio als in Nederland.

MIGRATIE & ONTWIKKELING (SP)

De SP is voor het aanpakken van de grondoorzaken en het verbeteren van de opvang van vluchtelingen (in de regio), maar maakt deze inzet niet concreet.

MIGRATIE & ONTWIKKELING (ChristenUnie)

ChristenUnie bepleit een brede migratieaanpak die zich o.a. richt op grondoorzaken en betere opvang in de regio, maar ook op verplichte terugkeer.

MIGRATIE & ONTWIKKELING (SGP)

SGP focust zich op het loskoppelen van migratie uit het ontwikkelingsbudget en outsourcing van opvang van vluchtelingen en asielaanvragen buiten Europa.

MIGRATIE & ONTWIKKELING (PVV)

De PVV wil de Nederlandse grenzen sluiten.

MIGRATIE & ONTWIKKELING (GroenLinks)

GroenLinks wil betere opvang in de regio en veiligere routes voor vluchtelingen, maar ook een tijdelijke visa voor arbeidsmigranten.

MIGRATIE & ONTWIKKELING (PvdD)

Een menswaardige opvang in de regio en een uitgebreide aanpak van oorzaken van de vluchtelingencrisis: dat is de inzet van de PvdD.

MIGRATIE & ONTWIKKELING (50PLUS)

50PLUS ‘staat voor een streng, rechtvaardig en humaan vreemdelingenbeleid’, maar maakt deze ambitie niet concreet.

FAIR POLITICS

FAIR POLITICS (CDA)

De geïntegreerde aanpak om mensen in ontwikkelingslanden weerbaar te maken, werkt het CDA nauwelijks uit in concrete (bekostigings) plannen.

FAIR POLITICS (D66)

D66 onderbouwt een stevig ontwikkelingsbeleid dat ook ingaat op zaken als handel en klimaat, en dat bekostigd wordt met 0,7 procent van het BNP.

FAIR POLITICS (VVD)

Nederlandse (handels)belangen staan altijd voorop bij de VVD; zo wil de partij ontwikkelingshulp voorwaardelijk maken.

FAIR POLITICS (PvdA)

Met o.a. een ministersaanpak en een toets voor nieuw beleid, wil de PvdA voorkomen dat wat we met de ene hand geven, wordt weggenomen met de andere.

FAIR POLITICS (SP)

De SP is voor ontwikkelingssamenwerking gebaseerd op ‘wederzijds begrip en respect’, maar maakt deze ambitie niet (financieel) concreet.

FAIR POLITICS (ChristenUnie)

CU wil zowel een hoger ontwikkelingsbudget als dat het beleid niet nadelig is voor ontwikkelingslanden, en stelt o.a. een beleidstoets voor.

FAIR POLITICS (SGP)

De SGP wil de belangen van ontwikkelingslanden meenemen in beleid met een impacttoets, maar blijft onduidelijk over de hoogte van het ontwikkelingsbudget.

FAIR POLITICS (PVV)

De PVV wil de Nederlandse financiering van ontwikkelingshulp stoppen.

FAIR POLITICS (GroenLinks)

Naast een verhoging en zuivering van het budget, wil GroenLinks dat internationaal beleid getoetst wordt op de gevolgen voor ontwikkelingslanden.

FAIR POLITICS (PvdD)

De PvdD houdt expliciet rekening met de kansen voor mensen in ontwikkelingslanden en wil o.a. alle beleid langs een duurzaamheidsmeetlat leggen.

FAIR POLITICS (50PLUS)

50PLUS wil zich aan internationale afspraken over ontwikkelingshulp houden en ondersteunt de Duurzame Ontwikkelingsdoelen, maar mist concrete ambitie.

Twitter

Klimaat

Ontwikkelingslanden ondervinden dagelijks de gevolgen van klimaatverandering die hoofdzakelijk veroorzaakt worden door de geïndustrialiseerde landen.

En dat terwijl zij de minste capaciteit hebben om met deze gevolgen om te gaan. Om ontwikkelingslanden te steunen in de omgang met klimaatproblemen hebben rijke landen in het Parijsakkoord (2015) afgesproken om vanaf 2020 jaarlijks 94 miljard euro in een klimaatfonds te storten. Het is nu van groot belang dat alle landen zich daadwerkelijk inzetten om klimaatverandering een halt toe te roepen. Zo moet Nederland haar energievoorziening vergroenen, bijvoorbeeld met de uitvoering van het Energieakkoord voor duurzame groei, en ontwikkelingslanden aanmoedigen en helpen hetzelfde te doen. Ook speelt transparantie en rapportage van Europese bedrijven een belangrijke rol in het minimaliseren van de negatieve impact op het lokale milieu. 

Bekijk een overzicht van de belangrijke gebeurtenissen op het gebied van klimaat in de afgelopen kabinetsperiode.

CDA

De ambities voor energiebesparing en opwekking van duurzame energie werkt het CDA nauwelijks uit in concrete plannen.

Uitleg: CDA geeft aan dat ‘op grond van de klimaatafspraken in Parijs’ er ook van Nederland een extra inspanning” wordt gevraagd (p. 81) en noemt de noodzaak te helpen bij rampen in andere landen als gevolg van klimaatverandering (p.38). De partij wil daarom inzetten op energiebesparing, CO2-reductie en het investeren in de opwekking van duurzame energie. Het CDA noemt slechts enkele maatregelen, zoals het isoleren van gebouwen, die te weinig worden gelinkt aan de impact op ontwikkelingslanden.

Citaten:

p. 38: ‘De noodzaak om bij te dragen aan stabiliteit en ontwikkeling in andere landen is nog onverminderd groot; de media tonen ons de gevolgen van klimaatverandering, honger, ziekte en andere humanitaire rampen.’

p. 80: ‘Een duurzame toekomst vraagt om een forse investering in de economie en infrastructuur van ons land. Om dat mogelijk te maken richten we een ontwikkelingsbank voor Technologie, Innovatie & Duurzaamheid op als aanjager voor de verandering. Deze bank kan geld aantrekken op de kapitaalmarkt en daarmee kunnen we onder meer alle woningen, bedrijven en gebouwen voor het jaar 2035 duurzaam isoleren, wijk voor wijk en straat voor straat. Isolatie van gebouwen is namelijk een van de meest effectieve manieren om de uitstoot van CO2 terug te dringen. De overheid, bedrijven en corporaties staan voor een gezamenlijke opdracht om deze transitie in te vullen.’

p. 81: ‘Om onze energievoorziening te verduurzamen zetten we in op energiebesparing, CO2-reductie en investeren we in de opwekking van duurzame energie. Op grond van de klimaatafspraken in Parijs wordt ook van Nederland een extra inspanning gevraagd.’

D66

D66 pleit voor een minister van Klimaat en Energie, nationale klimaatwet en ontwikkelingssamenwerking met klimaathulp en klimaatfinanciering.

Uitleg: D66 geeft aan dat de klimaatcrisis een mondiaal probleem is dat alleen op te lossen is als alle landen hun bijdrage leveren (p. 80) en als Europa en Nederland de ambities verhogen (p. 27). Daarom pleit D66 voor concrete handhaafbare acties gebaseerd op de beloftes van het klimaatakkoord van Parijs, zoals het drastisch verlagen van de CO2-uitstoot en het scannen van wetgeving op onnodige belemmeringen voor verduurzaming. Verder wil de partij een aparte Minister voor Klimaat en Energie aanstellen en een nationale klimaatwet realiseren (p. 27). Daarnaast ziet D66 een kans om klimaat en natuur ook bij internationale samenwerking te betrekken  als onderdeel van ontwikkelingssamenwerking (p. 124), waarbij ‘de uitgaven voor internationale klimaatfinanciering niet ten laste zullen komen van het ontwikkelingsbudget’ (p. 129). 

Citaten

p. 27: ‘Het klimaatakkoord van Parijs vinden we een goed akkoord […] Deze afspraken en doelen mogen geen loze woorden blijken, maar moeten vertaald worden in concrete, handhaafbare verplichtingen in Nederland en in Europa. Na het klimaatakkoord van Parijs moeten Europa en Nederland de ambities verhogen – in 2030 moet onze CO2-uitstoot tenminste 50% lager zijn, in 2050 95% lager.’  

p. 27: ‘Na het klimaatakkoord van Parijs moeten Europa en Nederland de ambities verhogen. Zoals hierboven aangegeven streven wij naar een verlaging van broeikasgas uitstoot met 25 % in 2020, 55% in 2030 en klimaatpositief in 2050. Om dit te bereiken moeten we in 2030 40% van onze energie duurzaam moeten opwekken en 40% energie besparen. Zoals hierboven aangegeven kijken we daarbij niet alleen naar energieopwekking, -opslag en energiebesparing, maar ook naar restwarmte, CO2 besparing in het gebruik van grondstoffen en vermindering van de uitstoot in sectoren als landbouw en transport, inclusief lucht- en scheepvaart. We willen 1 bewindspersoon die verantwoordelijk is voor klimaat en energie, en een nationaal klimaatakkoord, met sluitende lange termijn ambities die wettelijk verankerd worden in een klimaatwet, zoals in het Verenigd Koninkrijk.’

p. 27: ‘Minister voor Klimaat en Energie We nemen een aantal structurele maatregelen zodat we zorgen voor permanente aandacht voor Klimaat en Energie. Er komt een aparte minister voor Klimaat en Energie, met eigen departement. Haar eerste taak is het tot stand brengen van een Klimaatwet. Daarnaast stellen we een Klimaat Commissie in, naar voorbeeld van het Verenigd Koninkrijk. In de jaarlijkse Miljoenennota op Prinsjesdag wordt het eerste dat de regering rapporteert de verwachtte toename van onze koolstofschuld in het daaropvolgende jaar – nog voor de begroting.’  

p. 80: ‘De klimaatcrisis is een mondiaal probleem. Dat kunnen we alleen oplossen als alle landen hun bijdrage leveren. Na het hoopvolle klimaatakkoord van Parijs moeten we zorgen dat de mooie beloftes leiden tot concrete acties.’

p. 82: ‘We gaan om naar een schone economie met weinig of geen CO2-uitstoot. De uitstoot van CO2 brengen we terug met tenminste 30% in 2030 en tenminste 95% in 2050. Duurzame energie is niet alleen schoon en gezond, maar ook noodzakelijk om in de toekomst economische concurrerend en geopolitiek onafhankelijk te zijn.’  

p. 129: ‘De uitgaven voor internationale klimaatfinanciering die voortkomen uit het nakomen van de Nederlandse verplichtingen als gevolg van het klimaatverdrag van Parijs, komen conform internationale afspraken niet ten laste van het ontwikkelingsbudget.’

VVD

Het Nederlands belang staat voorop in klimaatbeleid van VVD waarbij slechts bestaande afspraken nageleefd moeten worden.

Uitleg: De VVD bepleit dat ‘bestaande afspraken over duurzame energie moeten worden nakomen’ (p. 88), maar wil naast de bestaande Europese afspraken geen nieuwe Nederlandse regels. Binnen die bestaande afspraken komt de partij wel met nieuwe maatregelen, zoals een sterke focus op technische innovatie en het verminderen van CO2-uitstoot (p. 86). Echter, de overheid zou zich volgens de VVD niet moeten bemoeien met de manier waarop de verlaging van de CO2-uitstoot bereikt wordt, maar kan innovatie wel stimuleren en resultaten in de gaten houden. De VVD committeert zich echter niet aan ontwikkelingslanden, waar de gevolgen van klimaatverandering het meest voelbaar zijn.

Citaten:

p. 86: ‘Bestaande afspraken over het aandeel duurzaam opgewekte energie die wij in Europa en in het Energieakkoord met elkaar zijn overeengekomen, willen wij nakomen.’

p. 86: ‘Het Nederlandse energiebeleid moet primair worden gericht op het beperken van de CO2-uitstoot. Wij willen dat de overheid zich neutraal opstelt als het gaat om de vraag hoe dergelijke doelstellingen worden bereikt. Door wel te sturen op resultaten – het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen – maar niet op technieken, wordt innovatie maximaal gestimuleerd en kunnen beschikbare middelen veel gerichter worden ingezet voor de ontwikkeling van duurzame energieopwekking. Overzichtelijke en minder complexe regelgeving zullen daarbij stimulerend werken.’

p. 87: ‘De Nederlandse overheid kan meer ruimte bieden aan innovatieve manieren van energieopwekking, bijvoorbeeld door middel van biomassa en mono- en covergisting. Dit kan door het bedrijfsleven de kans te geven innovatieve pilots te organiseren of door bij aanbestedingen meer aandacht te besteden aan duurzaamheid en energieneutraliteit. Bijvoorbeeld door af te spreken dat alle Rijksinfrastructuur in 2030 energieneutraal wordt bediend. Ook kan de overheid vaker optreden als launching customer van nieuwe innovatieve technologieën en de eigen gebouwen duurzaam onderhouden.’

p. 88: ‘De internationale afspraken (Parijs) om de CO2-uitstoot te verlagen, moeten worden nagekomen. Vermindering van de uitstoot van CO2 vraagt wel om een internationale aanpak, want Nederland heeft slechts een klein aandeel in de wereldwijde uitstoot. Bovendien bestaat het risico dat bedrijven simpelweg verhuizen naar landen waar de regels minder streng zijn en waar meer CO2 kan worden uitgestoten. Hier wordt het klimaat niet beter van, want CO2 houdt zich niet aan landsgrenzen. Wij willen daarom ook geen extra Nederlandse regels (en subsidies) boven op internationale of Europese afspraken.’

p. 89: ‘We willen toewerken naar een circulaire economie, waarbij afval weer als grondstof kan worden ingezet. Nederland kan voortrekkersrol vervullen in wereld op gebied van recycling en we zouden onze kennis moeten exporteren.’

PvdA

De PvdA wil dat het Parijs Klimaatakkoord doorwerkt in ambitieuze doelstellingen en dat ontwikkelingshulp meer wordt toegespitst op klimaatverandering.

Uitleg: De PvdA pleit ervoor het Klimaatakkoord van Parijs om te zetten in ambitieuze Europese doelstellingen die de uitstoot van broeikasgassen moeten verminderen. Deze doelstellingen zijn inclusief de bijbehorende doelen voor energiebesparing en duurzame energie (p. 27) en worden verankerd in een Klimaatwet. Het klimaatbeleid is immers niet vrijblijvend, aldus de PvdA (p. 27). In het kader van het Klimaatakkoord van Parijs bepleit de partij ook ‘klimaatgelden meer toe te spitsen op het helpen van landen bij het aanpassen aan het veranderende klimaat. Dat is niet alleen duurzaam, maar helpt ook om armoede te bestrijden’ (p. 64). 

Citaten

p. 7: ‘Technologische ontwikkelingen uit de afgelopen twee eeuwen en de ongeremde uitputting van onze aarde hebben sterk bijgedragen tot de inmiddels zorgwekkende stand van het klimaat, de biodiversiteit en de beschikbaarheid van cruciale levensbehoeften en grondstoffen. De inzet van het klimaatakkoord van Parijs juichen wij toe maar zeker is ook dat het grote inspanningen van ons allen zal vragen.’ 

p. 27: ‘Wij willen dat het klimaatakkoord van Parijs doorwerkt in ambitieuzere Europese doelstellingen voor vermindering van de uitstoot van broeikasgassen, met bijbehorende doelen voor energiebesparing en duurzame energie. Wij willen dat de temperatuurstijging maximaal 2°C bedraagt en we streven naar een maximum van 1,5°C. Voor Europa en Nederland betekent dit een reductiedoelstelling van 55 procent in 2030 en 95 procent in 2050. De overheid verankert deze ambitieuze doelen in de Klimaatwet.’ 

p. 64: ‘Het klimaatakkoord van Parijs biedt hoop. Nu moeten de woorden in daden worden omgezet. We willen klimaatgelden meer toespitsen op het helpen van landen bij het aanpassen aan het veranderende klimaat, bijvoorbeeld door het verbouwen van droogtebestendige gewassen. Dat is niet alleen duurzaam, maar helpt ook om armoede te bestrijden. We hebben daarbij vooral oog voor de allerarmsten en vrouwen en meisjes.’ 

SP

De SP pleit voor ontwikkelingsbeleid gebaseerd op het Parijs Klimaatakkoord om de gevolgen van klimaatverandering te bestrijden.

Uitleg: De SP wil zich inzetten voor een duurzame samenleving door het nemen van ‘concrete en afdwingbare maatregelen, die ook voortvloeien uit het Klimaatakkoord van Parijs’ (p. 43). Concreet bepleit de SP dat er meer geïnvesteerd moet worden in windenergie, vooral op zee (p. 43).  Daarnaast wil de SP een ontwikkelingsbeleid gebaseerd op het Klimaatakkoord van Parijs en de Duurzame Ontwikkelingsdoelen om de gevolgen van klimaatverandering in ontwikkelingslanden te bestrijden (p. 58). Deze ambities worden echter niet uitgewerkt in daadkrachtige maatregelen.

Citaten:

p. 43: ‘We willen in 2050 een CO2 neutrale samenleving. Dit kunnen we bereiken door concrete en afdwingbare maatregelen, die ook voortvloeien uit het Klimaatakkoord van Parijs. Wanneer voortschrijdend inzicht, marktontwikkeling en CO2-beprijzing een hoger tempo mogelijk maken, verleggen we het einddoel naar 2040.’  

p. 43: ‘Om klimaatdoelen te halen zullen we flink meer windenergie moeten opwekken, vooral op zee, waar ook de kostprijs voor deze duurzame energie steeds lager wordt.’  

p. 58: ‘In het kader van het Klimaatakkoord en de Duurzame Ontwikkelingsdoelen zetten we ons in voor het behoud van bossen, vruchtbare bodems en biodiversiteit en de toegang van mensen tot water, voedsel en duurzame energie. Verder maken we ons hard voor goede regels rond landeigendom en voor de leefbaarheid in de snel groeiende steden. Ons land biedt kennis en expertise om de gevolgen van klimaatverandering te bestrijden en landen te ondersteunen in hun duurzame ontwikkeling.’  

ChristenUnie

De CU wil niet dat de allerarmsten opdraaien voor de gevolgen van klimaatverandering en pleit voor klimaatfinanciering voor ontwikkelingslanden.

Uitleg: De ChristenUnie pleit voor duurzame sociale gerechtigheid, waarbij de allerarmsten in de wereld niet behoren op te draaien voor de rekening van klimaatverandering (p. 75). De partij wil daarom dat Nederland ‘internationaal verantwoordelijkheid neemt voor klimaatfinanciering, zodat ontwikkelingslanden goed gesteund kunnen worden bij hun voorbereidingen op extreme droogte of overstromingen’ (p. 76). Daarnaast wil de ChristenUnie dat Nederland en Europa ambitieuze verplichte doelstellingen stellen voor CO2-reductie, hernieuwbare energie en energiebesparing. Bijvoorbeeld met het invoeren van duurzaamheidscriteria die nieuwe wetgeving kan toetsen op langetermijngevolgen (p. 62). Ten slotte bepleit de partij dat ‘klimaatfinanciering gericht moet zijn op de allerarmsten, zij voelen de schokken van hongersnood, orkanen en overstromingen het hardst’ (p. 100). 

Citaten:

p. 8: ‘Klimaatverandering is een feit en heeft grote gevolgen, niet alleen voor onszelf, maar juist ook voor arme landen en gebieden. Het is een zaak van recht doen en verantwoordelijkheid nemen om daar nu voortvarend mee aan de slag te gaan. De ChristenUnie wil samen met ondernemers en burgers in één generatie een volledig duurzame energievoorziening realiseren.’ 

p. 62: ‘Nog te vaak is nieuwe wet- en regelgeving onvoldoende toekomstbestendig en wordt er onvoldoende rekening gehouden met de langetermijngevolgen voor generaties na ons. De ChristenUnie wil dat dit via duurzaamheidscriteria getoetst wordt door een onafhankelijke organisatie, bijvoorbeeld door het te borgen in het bestaande instituut ombudsman.’

p. 75: ‘De rekening voor klimaatverandering ligt nu al bij de allerarmsten in de wereld. Paus Franciscus roept in zijn encycliek ‘Laudato Si’ niet voor niets op tot duurzame sociale gerechtigheid. We willen klimaatverandering tegengaan en kwetsbare landen weerbaar maken tegen overstromingen en voedseltekorten. Het Klimaatakkoord van Parijs is daarom een belangrijke wereldwijde afspraak.’

p. 76: ‘het Klimaatprobleem is een mondiaal probleem. Nederland neemt internationaal verantwoordelijkheid voor klimaatfinanciering, zodat ontwikkelingslanden gesteund worden bij hun voorbereidingen op extreme droogte of overstromingen.’ 

p. 93: ‘Europa moet een voortrekkersrol houden wereldwijd door ambitieuze verplichte nationale doelstellingen voor CO2 reductie, hernieuwbare energie en energiebesparing. Voor lucht en scheepvaart komen er bij voorkeur mondiale, anders Europese emissiereductiedoelstellingen.’ 

p. 100: ‘Klimaatfinanciering moet gericht zijn op de allerarmsten, zij voelen de schokken van hongersnood, orkanen en overstromingen het hardst. De CU wil mensen weerbaar maken en de expertise van Nederlandse hulporganisaties en bedrijven inzetten.’ 

SGP

De SGP wil zich inzetten voor het bestrijden van klimaatverandering en doet dit o.a. vanwege de positieve uitwerking op ontwikkelingslanden.

Uitleg: De SGP geeft in het verkiezingsprogramma aan zich te willen inzetten voor het bestrijden van klimaatverandering. Hoewel vooral de burgers en bedrijven volgens de SGP hiervoor verantwoordelijk voor zijn, moet ook de overheid aandacht besteden aan duurzaam beleid, ‘bijvoorbeeld door goed gedrag te stimuleren en zelf het goede voorbeeld te geven (p. 81). Een van de redenen die de SGP aandraagt voor duurzaam beleid is de invloed van ons beleid op ontwikkelingslanden: ‘Als Nederland en Europa minder fossiele brandstoffen verstoken, heeft dat een positieve uitwerking op de klimaatverandering, en zo óók op de leef- en werkomgeving in ontwikkelingslanden’ (p. 52). De partij stelt echter weinig concrete maatregelen voor om Nederland duurzamer te maken of om de impact van klimaatverandering op ontwikkelingslanden tegen te gaan.   

Citaten

p. 52: ‘Als Nederland en Europa minder fossiele brandstoffen verstoken, heeft dat een positieve uitwerking op de klimaatverandering, en zo óók op de leef- en werkomgeving in ontwikkelingslanden. Nederland moet daarom aandacht besteden aan duurzaam beleid.’  

p. 81: ‘De zorg voor het goed omgaan met schaarse grondstoffen, energie, zuiver water, een gezonde lucht en een schone, vruchtbare bodem is allereerst een verantwoordelijkheid van burgers en bedrijven. Dat neemt niet weg dat óók de overheid een taak heeft bij het voorkomen van verontreiniging en uitputting. Dat kan bijvoorbeeld door goed gedrag te stimuleren en zelf het goede voorbeeld te geven. En door uit te gaan van het alleszins redelijke en eerlijke principe: de vervuiler betaalt.’

p. 85: ‘Er moet minder subsidie gaan naar (nieuwe) windmolenparken en méér naar energiebesparing en innovatie. Het gaat immers om de lange termijn. Daarvoor zijn doorbraken in technologie nodig.’

PVV

De PVV wil geen geld uitgeven aan innovatie of windmolens, wat negatieve klimaatgevolgen voor ontwikkelingslanden teweegbrengt.

Uitleg: De PVV wil geen geld uitgeven aan ‘windmolens en innovatie’ (p. 1). Dit betekent dat verder onderzoek naar nieuwe en schone energiebronnen gestaakt zal worden als het aan de PVV ligt. Hierdoor zal de Nederlandse CO2-uitstoot gelijk blijven (en uiteindelijk verhogen) waardoor er klimaatverslechtering optreedt. Dit heeft niet alleen een negatief effect op Nederland, maar zeker ook op ontwikkelingslanden.

Citaten

p. 1: ‘Geen geld meer naar ontwikkelingshulp, windmolens, kunst, innovatie, omroep enz.’

GroenLinks

GroenLinks wil met het Parijs Klimaatakkoord als basis een ambitieus klimaatbeleid met specifieke klimaatsteun voor ontwikkelingslanden.

Uitleg: Met het Klimaatakkoord van Parijs als basis wil GroenLinks wereldwijd afscheid nemen van fossiele energie. De partij bepleit een ambitieus klimaatbeleid waarbij een Klimaatwet wordt ingevoerd die ‘garandeert dat Nederland met de maatregelen die genomen worden de uitstoot van broeikasgassen zal verlagen’ (p. 9). Ook wil de partij een ministerie voor Klimaat en Duurzame Economie vormen (p.10). GroenLinks ziet een belangrijke voortrekkersrol weggelegd voor Nederland binnen de EU om grote uitdagingen van de toekomst zoals klimaatverandering aan te pakken (p. 8). Zo komt er specifieke klimaatsteun voor ontwikkelingslanden, waarvan het budget bovenop de uitgaven voor ontwikkelingssamenwerking komt (p. 62).

Citaten:

p. 7: ‘We leggen de klimaatdoelen voor de lange termijn vast en regelen dat jaarlijks maatregelen genomen worden die garanderen dat we deze doelen halen. De klimaatwet geeft voor de lange termijn zekerheid aan vooruitstrevende organisaties en bedrijven om te investeren in innovatie, duurzame energie en nieuwe werkgelegenheid.’  

p. 8: ‘Als grootste markt ter wereld kan Europa de standaard zetten voor producten die minder schaarse grondstoffen vergen, langer meegaan, beter te repareren en recyclen zijn. Zo zorgen we dat bedrijven niet langer grondstoffen gebruiken die medeoorzaak zijn van oorlogen, uitbuiting en milieuvernietiging.’  

p. 9: ‘We voeren een Klimaatwet in die ervoor zorgt dat de uitstoot van broeikasgassen ten opzichte van 1990 omlaag gaat met tenminste 25% in 2020, 55% in 2030 en 95% in 2050. Uiterlijk in 2050 hebben we alleen nog schone energie. De klimaatwet garandeert dat Nederland met de maatregelen die genomen worden deze doelstellingen haalt.’

p. 10: ‘De toekomst van onze economie is groen. De verantwoordelijkheid voor economie, klimaat en energie moeten onder één bewindspersoon vallen. Daarom komt er een ministerie voor Klimaat en Duurzame Economie.’  

p. 13: ‘Overheidsinstanties gaan volledig duurzaam inkopen en aanbesteden, van schone stroom tot circulaire gebouwen. Dit wordt bij aanbestedingsopdrachten bereikt door te gunnen op waarde, waarbij niet de aanschafprijs leidend is maar kwaliteit en duurzaamheid.’

p. 62: ‘Klimaatsteun voor ontwikkelingslanden komt bovenop de uitgaven voor ontwikkelingssamenwerking.’

PvdD

De PvdD wil een duurzaamheidsmeetlat voor toekomstig beleid, eisen aan grondstoffenimport, internationaal bindende regels en een milieugerechtshof.

Uitleg: De Partij voor de Dieren komt met een aantal stevige maatregelen als het gaat om het tegengaan van klimaatveranderingen. Zo pleit de partij voor een ‘duurzaamheidsmeetlat’ die alle toekomstig beleid zal toetsen op de mate van duurzaamheid (p. 19), een klimaatwet die het reduceren van broeikasgassen verplicht en een grondstoffenwet waarmee het gebruik van grondstoffen gehalveerd moet zijn in 2030. Daarnaast wil de PvdD harde duurzaamheidseisen stellen aan de import en winning van grondstoffen. 

Als het aan de PvdD ligt, worden deze ambitieuze maatregelen ook doorgezet op internationaal niveau, zodat de positie van mensen in ontwikkelingslanden niet ondermijnd wordt: ‘De westerse consumptie en productie overschrijden de draagkracht van de aarde en ondermijnen de positie van mensen in arme gebieden in de wereld. Zij worden het eerst en het hardst geraakt door uitputting van natuurlijke hulpbronnen, droogte en overstromingen. De PvdD wil dat Nederland investeert in effectieve oplossingen’ (p. 35). 

Citaten:

p. 19: ‘Alle beleid, op welk gebied dan ook, wordt langs de duurzaamheidsmeetlat gelegd. De overheid steekt haar energie in het nakomen van de verplichtingen én het realiseren van de ambities die nodig zijn om de opwarming van de aarde werkelijk te beperken tot maximaal 1.5 graad Celsius. Een klimaatwet die het reduceren van broeikasgassen verplicht, treedt zo snel mogelijk in werking. Nederland wordt weer voortrekker in het maken van mondiale, bindende afspraken om de uitstoot van broeikasgassen te reduceren.'  

p. 21: ‘Er komt een grondstoffenwet met bindende verplichtingen. In 2030 moet het gebruik van grondstoffen zijn gehalveerd en worden alle grondstoffen hergebruikt.’  

p. 22: ‘Er worden harde duurzaamheidseisen gesteld aan de import en winning van al onze grondstoffen. Ook worden exportkredieten van de overheid zeer streng beoordeeld op de gevolgen van het project voor mens, dier en milieu.’  

p. 23: ‘De Partij voor de Dieren wil in toekomstige klimaat-, milieu- en natuurverdragen concrete tussendoelen opnemen, waarover landen verantwoording afleggen. Internationale verdragen en afspraken over milieu, klimaat, biodiversiteit, mensenrechten en maatschappelijk verantwoord ondernemen worden zo snel mogelijk omgezet in bindende regels, zowel op het niveau van de EU als op dat van de lidstaten. Nederland maakt zich sterk voor de oprichting van een Internationaal Milieugerechtshof dat milieuconflicten kan beslechten en overtredingen bestraft.’

p. 35: ‘De westerse consumptie en productie overschrijden de draagkracht van de aarde en ondermijnen de positie van mensen in arme gebieden in de wereld. Zij worden het eerst en het hardst geraakt door uitputting van natuurlijke hulpbronnen, droogte en overstromingen. De Partij voor de Dieren wil dat Nederland investeert in effectieve oplossingen.’ 

50PLUS

50PLUS wil CO2-uitstoot terugdringen om de wereld leefbaar te houden, maar toont weinig ambities voor een duidelijk klimaatbeleid.

Uitleg: 50PLUS wil 'door het terugdringen van CO2-uitstoot en andere milieumaatregelen' waken over de leefbaarheid van volgende generaties (p. 8).  Ook lijkt de partij het belang van duurzaamheid te onderstrepen door het aanstellen van een aparte minister voor innovatie en duurzaamheid. Daarentegen doet 50PLUS in het partijprogramma geen uitspraken over een duidelijk klimaatbeleid of over de impact van klimaatverandering op ontwikkelingslanden.  

Citaten:

p. 8: ‘50PLUS wil zo veel mogelijk hernieuwbare energie tegen een zo laag mogelijk tarief.’ 

p. 8: ‘Milieu en duurzaamheid: Door het terugdringen van de CO2-uitstoot en andere milieumaatregelen waakt 50PLUS over de leefbaarheid voor volgende generaties. 50PLUS steunt de Duurzame Ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties voor 2030. Om het enorme belang van duurzaamheid te onderstrepen pleit 50PLUS voor een minister van Innovatie en Duurzaamheid.’