Politici in Nederland en de Europese Unie nemen te vaak beslissingen die belangen van ontwikkelingslanden schaden. Dat moet veranderen. Fair Politics wil dat landen niet worden belemmerd, maar de ruimte krijgen om zich te ontwikkelen.

Algemeen: Beleidscoherentie voor ontwikkeling

Twitter

De Sustainable Development Goals: kans voor ‘eigen bodem’

Op 1 juli jl. gaf Nederland het EU-voorzitterschapsstokje over aan Slowakije. De Sustainable Development Goals (SDG’s) – de 17 mondiale doelen die een einde moeten maken aan armoede, ongelijkheid en klimaatverandering – stonden zowel voor de Nederlanders, als nu voor de Slowaken, op de voorzitterschapsagenda. Echter, Slowakije heeft wel een andere kijk op de SDG’s. Linde-Kee van Stokkum (FMS) ging namens ‘Ready for Change’ naar Bratislava, en ondervond wat die verschillen zijn.


De SDG’s werden in september 2015 ondertekend door 193 wereldleiders. Na ondertekening, was het wachten op de uitvoering. Een heuse EU ‘Roadmap’ werd voor begin 2016 aangekondigd. Echter, de Europese Commissie liet op zich wachten. Begin 2016 werd april 2016, april werd voor de zomer, voor de zomer werd na de zomer. Nu zijn de verwachtingen dat we midden oktober een Europese visie op hoe deze ambitieuze agenda behaald zou moeten worden en wat de inzet van de EU wordt, tegemoet kunnen zien.

Ondertussen lobbyde het maatschappelijk initiatief ‘Ready for Change’ voor het belang van een Nederlandse ‘Roadmap’ met een visie op ambitieuze uitvoering van de SDG’s, die we ieder moment verwachten. Op maandag 5 september 2016 trapte het Slowaakse platform voor ontwikkelingssamenwerkingsorganisaties haar lobby rondom de SDG’s af. Allerlei beleidsmakers, Ngo-medewerkers en onderzoekers uit Slowakije en omgeving kwamen, onder de welbekende wapperende vlaggen van het EU-voorzitterschap, in Bratislava bijeen om te spreken over de uitvoering van de SDG’s. ’Ready for Change’ was er ook bij.

Ontwikkelingssamenwerking in een ander daglicht

Waar West-Europese lidstaten een lange traditie van ontwikkelingssamenwerking kennen, ligt dat in Oost-Europa een beetje anders. In 1989 viel de Berlijnse Muur dat een symbolisch begin vormde van het Europese eenwordingsproces. In 2004 kreeg de Europese Unie er tien nieuwe lidstaten bij, waar onder Slowakije, de Baltische staten, Polen en Hongarije. Voor officiële toetreding moesten de nieuwkomers voldoen aan de Kopenhagen criteria, een aantal toetredingscriteria, waaronder het overnemen en toepassen van de zogenaamde acquis communitaire van de Unie. In dat kader werd ook allerlei ontwikkelingssamenwerkingsbeleid geschreven. Op papier een feit, in de praktijk verre van een feit.

Focus op de regio

Ontwikkelingssamenwerking is in West-Europa grotendeels gebaseerd op onze koloniale geschiedenis en gaat veelal over verre overzeese ontwikkelingslanden. In Oost-Europese lidstaten is het OS-beleid ook gestoeld op historie, maar blijft daarmee een stuk dichter bij huis. De focus ligt hier op de regio – Moldavië, Oekraïne, Georgië – waar kan daar het grootste verschil gemaakt worden? Zo heeft Litouwen vanuit haar ontwikkelingssamenwerkingsbeleid vier partnerlanden, waarvan er slechts één buiten de regio valt, namelijk Afghanistan. Letland heeft recentelijk haar partnerlanden teruggebracht naar zes, waarvan alleen Zambia op het Afrikaanse continent ligt.

In Bratislava zijn we als Nederland een vreemde eend in de bijt tussen de Baltische Staten, Tsjechië, Slowakije en ‘goed OS-voorbeeld’ Finland. Waar wij een uitgebreide traditie van maatschappelijk middenveld kennen, is die traditie in postcommunistische landen relatief jong, en daarmee enigszins onervaren. Zo staat het aantal Ngo-medewerkers dat vertegenwoordigd is in de panels, in schril contrast met het bataljon beleid makende sprekers. En die geven een heel ander beeld van de situatie dan vertegenwoordigers uit het maatschappelijk middenveld. Zo schetst een beleidsmaker uit Litouwen een zeer rooskleurig beeld over de inclusieve dialoog rondom de totstandkoming van beleid, terwijl in een later panel de directrice van het Litouwse Ngo-Platform juist de zeer gebrekkige betrokkenheid van het maatschappelijk middenveld in de politieke dialoog benadrukt.

De MDG’s boden ons een telescoop, de SDG’s houden ons een spiegel voor

En de SDG’s? Die zijn door alle EU-lidstaten ondertekend. In tegenstelling tot de voorgangers van de SDG’s – de Millenniumdoelstellingen (MDG’s) – moeten deze 17 mondiale doelen niet alleen een einde maken aan armoede, ongelijkheid en klimaatverandering in ontwikkelingslanden, maar gelden de SDG’s voor alle landen, rijk én arm, voor iedereen dus. En juist die universaliteit biedt een uitkomst voor ook de EU-lidstaten zonder doorgewinterde OS-traditie.

Kansen voor eigen bodem

Willen we de ambitie om in 2030 de SDG’s te behalen realiseren, dan ligt een belangrijke eerste stap in het vertalen van de SDG’s naar de nationale context. Dus, wat betekenen de doelen voor de ‘thuissituatie’? Op welke gebieden zijn lidstaten op het goede pad, waar is nog werk aan de winkel als het gaat om de nationale ‘ontwikkeling’? Zo heeft Nederland nog een behoorlijk genderkloof te dichten en is ons energiebeleid nog verre van duurzaam.

Op eigen bodem scoort Slowakije veelbelovend op duurzame consumptie- en productiepatronen – essentieel voor het minimaliseren van de ecologische voetafdruk van een land. Slowakije kent een indrukwekkende kleine kloof tussen arm en rijk. Een belangrijke uitdaging voor de Slowaakse regering ligt in het verbeteren van de kwaliteit van het onderwijs. Kansen in het onderwijs worden nu nog in grote mate bepaald door de sociaaleconomische status van scholieren en studenten. Ook is er werk aan de winkel op het gebied van het verbeteren van het Slowaakse ondernemersklimaat, net als het tegengaan van corruptie in de publieke sector.

‘Global goals, at home and abroad!’ is de slogan van ons project ‘Ready for Change’. We blijven dus monitoren en berichten hoe de SDG’s ook in nationale contexten vertaald worden. In dat kader zijn we in afwachting van het Nederlandse Plan van Aanpak waarin zal staan hoe de SDG’s vertaald gaan worden in de nationale context. We verwachten het ieder moment, dus houd de website in de gaten.

‘Ready for Change? Global Goals at home and abroad!’ is een maatschappelijk initiatief van Partos, Woord en Daad en de Foundation Max van der Stoel. Tijdens het Nederlands EU-voorzitterschap beoogde ‘Ready for Change’ ontwikkelingsorganisaties, bedrijven, kennisinstellingen én de overheid te stimuleren om samen tot een ambitieuze en coherente uitvoeringsagenda van de Sustainable Development Goals te komen. Op 19 mei 2016 overhandigde ‘Ready for Change’ een gezamenlijke publicatie aan het Nederlandse kabinet, met constructieve aanbevelingen hoe de SDG’s naar de praktijk van Nederlands en Europees beleid vertaald kunnen worden.

 Dit artikel is gepubliceerd op: 22 september 2016. Foto: Wikimedia Commons. 

 

 


[[i]| Bertelsmann Stiftung (2015), Sustainable Development Goals: Are the rich countries ready?, https://www.bertelsmann-stiftung.de/fileadmin/files/BSt/Publikationen/GrauePublikationen/Studie_NW_Sustainable-Development-Goals_Are-the-rich-countries-ready_2015.pdf, p. 44.