Politici in Nederland en de Europese Unie nemen te vaak beslissingen die belangen van ontwikkelingslanden schaden. Dat moet veranderen. Fair Politics wil dat landen niet worden belemmerd, maar de ruimte krijgen om zich te ontwikkelen.

Internationale handel: een boost voor ontwikkelingslanden?

Twitter

Na TTIP en CETA nu tijd voor TiSA

Tweede Kamerleden Jasper van Dijk en Arnold Merkies (beiden SP) stelden op 29 november 2016 vragen aan de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en de minister van Financiën over de gevolgen van het handelsverdrag voor de dienstensector (TiSA) voor ontwikkelingslanden. Over dit ´Trade in Services Agreement´ wordt al sinds 2013 onderhandeld tussen de EU, VS en 21 andere landen. Het beoogt een wereldwijde liberalisering van de dienstensector, waaronder ook de banken- en transportsector. Het verdrag heeft, net als TTIP en CETA, mogelijk grote gevolgen voor internationale vrijhandel en arbeidsomstandigheden.

Trade In Services Agreement

TiSA is een internationaal handelsverdrag over diensten waar de Europese Unie, de Verenigde Staten en 21 andere landen op dit moment over onderhandelen. Het doel van TiSA is om handelsbelemmeringen voor de dienstensector weg te nemen. De onderhandelingsgesprekken gingen al in 2013 van start en zouden eind 2016 moeten worden afgerond. Het verdrag is aantrekkelijk voor de EU, omdat het een grote dienstensector heeft en er tussen de EU en derde landen nog vrij veel handelsbarrières bestaan waar de dienstensector last van heeft. TiSA zal ervoor gaan zorgen dat Europese bedrijven goedkoper diensten kunnen exporteren en consumenten meer keus hebben voor lagere prijzen. Naast de EU en de VS, zijn er ook een aantal ontwikkelingslanden, zoals Pakistan, Peru en Panama, betrokken bij de afsluiting van TiSA. De angst bestaat dat zowel ontwikkelingslanden die zich aansluiten bij TiSA, als zij                                                                               die zich niet aansluiten, in de problemen komen doordat zij niet                                                                                 met grote westerse dienstenmultinationals kunnen concurreren.

TiSA en de gevolgen voor  ontwikkelingslanden

Van Dijk en Merkies wilden met hun schriftelijke vragen van de Ministers weten of de gevolgen van TiSA voor ontwikkelingslanden in kaart zijn gebracht en wat deze gevolgen inhouden. Voor de Kamerleden is het van belang dat “de voordelen van het TiSA-akkoord zonder tegenpresentatie ook worden gegund aan de minst ontwikkelde landen”. Daarnaast zijn ze ongerust over het akkoord, omdat “internationale afspraken op het gebied van mensen- en werknemersrechten, zoals vastgelegd in de ILO-conventies, geen onderdeel uitmaken van TiSA”.  De ILO (International Labour Organization ofwel Internationale Arbeidsorganisatie) is een gespecialiseerde organisatie van de Verenigde Naties dat zich bezighoudt met het verbeteren van werkomstandigheden in de wereld. Deze doelstellingen worden vastgelegd in conventies en aanbevelingen. In hun schriftelijke vragen, verzoeken Van Dijk en Merkies de Ministers zich ervoor in te zetten dat deze rechten voor werknemers alsnog in het akkoord worden opgenomen.

Fair Politics bepleit een transparante berichtgeving over  de onderhandelingen over TiSA. Daarnaast is het noodzakelijk dat de impact van TiSA op ontwikkelingslanden onderzocht wordt en ook wordt meegenomen in de onderhandelingen  over het uiteindelijke akkoord. Voor het stellen van hun schriftelijke vragen ontvangen Van Dijk en Merkies allebei één punt.

Gepubliceerd op 6 december 2016. Foto: 2015, flickr.com